Corona

16 maart 16.00 uur: Persoonlijk bericht burgemeester

Beste mensen,
 
We zien allemaal de berichten over het coronavirus. Soms genuanceerd, soms helaas ook met veel sensatiezucht. We maken voor het eerst in ons leven mee dat er bijzondere en drastische maatregelen worden genomen. Scholen zijn dicht, sportclubs gesloten, en de rij is nog langer met musea, horeca en fitness. Onze maatschappij komt een beetje tot stilstand.

Ingrijpende maatregelen die we nemen om samen een grote uitbraak van dit virus te voorkomen. Het zijn ook maatregelen die ons direct raken. Van kleinere (opvang kinderen, thuiswerken), tot grote onzekerheid over de gevolgen voor bedrijven en werkgelegenheid. 

Ik heb grote waardering voor het kordate optreden van al onze inwoners, organisaties, scholen en ook bedrijven die de maatregelen snel opvolgen, ook als ze behoorlijk ingrijpend zijn. Hoe beter we allemaal meewerken, hoe meer we verdere verspreiding van het virus voorkomen. En laten we hopen dat op 6 april het ergste achter de rug is. Maar daarvoor moeten we nu wel allemaal mee doen.

De maatregelen en berichten brengen ook angst met zich mee. Zeker voor mensen in de risicogroepen breekt een periode van onzekerheid aan. Dat begrijp ik. Volg goed de aanwijzingen op van het RIVM en de GGD. Laten we ons niet gek maken door alle wilde verhalen op internet en social media. Tegelijk moeten we niet bagatelliseren. 

Pas goed op elkaar

Dat we het contact met elkaar nu beperken, doen we om te voorkomen dat we elkaar besmetten. Dat wil niet zeggen dat we er niet voor elkaar kunnen zijn. Juist nu moeten we op elkaar passen. Onze ouderen, die extra kwetsbaar zijn en door de maatregelen eenzamer worden, kunnen onze hulp gebruiken. Even een tas boodschappen meenemen voor de buurvrouw of een pannetje extra koken is iets wat we allemaal kunnen doen. En elkaar wat vaker bellen om te vragen of alles goed gaat is ook een kleine moeite.

Ik heb er vertrouwen in dat we in ‘ons Eemnes’ er samen wel uitkomen. Ook als we wat op afstand van elkaar blijven, kunnen we toch nabij zijn. 
 
Roland van Benthem
Burgemeester